AI-geletterdheid certificaat: wat is het waard?

Er bestaat geen door de EU erkend AI-geletterdheid certificaat. Geen keurmerk, geen register, geen officiële norm waaraan een opleider zich kan spiegelen.

Dat is een ongemakkelijk antwoord voor iedereen die er net een heeft gekocht, dus ik zeg er meteen bij: dat betekent niet dat het weggegooid geld is. Het betekent dat het iets anders is dan waarvoor het vaak wordt verkocht.

Hieronder staat wat een certificaat wél doet, wat een toezichthouder daadwerkelijk vraagt, en waar het verschil zit.

Wat de verordening zegt over certificering

Artikel 4 van de AI-verordening verplicht organisaties tot maatregelen voor AI-geletterdheid bij hun personeel. Het artikel noemt geen certificaat, geen norm, geen erkend curriculum en geen minimum aantal uren.

Dat is geen omissie. De wetgever heeft het bewust open gelaten, omdat wat toereikend is per organisatie verschilt. Een bedrijf dat AI gebruikt om notulen samen te vatten heeft een ander niveau nodig dan een bedrijf dat AI meeweegt in kredietbeoordelingen.

Sinds de Digital Omnibus van juli 2026 is dat nog explicieter. Verordening (EU) 2026/1744 heeft aan artikel 4 toegevoegd dat de verplichting niet inhoudt dat een bepaald niveau van AI-geletterdheid moet worden gewaarborgd. Waar een certificaat precies om draait, namelijk het aantonen van een niveau, staat dus expliciet niet in de wet.

Elders in de verordening bestaat certificering wel degelijk: hoog-risico AI-systemen kennen conformiteitsbeoordelingen door aangemelde instanties. Dat gaat over systemen, niet over mensen, en het raakt vrijwel geen MKB-bedrijf.

Wat een AI-geletterdheid certificaat dan wel is

Er is een markt ontstaan, en die is niet frauduleus. Hij is alleen anders geframed dan hij is.

Wat je koopt: een eigen keurmerk van de aanbieder. Die heeft een programma opgesteld, een toets afgenomen, en verklaart dat jouw medewerker die toets heeft gehaald. Dat is een private verklaring, met de waarde die de reputatie van die aanbieder eraan geeft.

Wat dat waard is: het bewijst dat er iets is gedaan en dat er is getoetst of het is geland. Dat is meer dan niets, en het is een deel van je dossier.

Wat het niet doet: het dekt artikel 4 niet af. En dat komt door één ding: een extern certificaat gaat over algemene AI-kennis, terwijl artikel 4 vraagt om afstemming op jouw systemen en jouw risico's.

De Europese Commissie is daar in haar vraag-en-antwoorddocument expliciet over. Een AI-geletterdheidsprogramma moet minimaal rekening houden met de rol van de organisatie (aanbieder of gebruiksverantwoordelijke) en met het risico van de specifieke systemen die je gebruikt. Een extern certificaat kan die twee per definitie niet dekken, want de aanbieder kent jouw systemen niet.

Wat een privaat certificaat dekt versus wat de Europese Commissie minimaal verwacht in een AI-geletterdheidsprogramma
Een certificaat dekt de algemene laag, niet de twee die over jouw eigen systemen gaan

Wat een toezichthouder daadwerkelijk vraagt

Toezicht werkt niet zoals mensen denken. Er komt geen inspecteur langs die vraagt of je een AI-cursus hebt gedaan.

De vraag komt op tafel als er iets anders speelt. Een klacht over een geautomatiseerd besluit. Een datalek waarbij een AI-tool betrokken was. Een klant die vraagt waar een tekst vandaan komt. Pas dan wordt er teruggekeken.

En dan is de vraag niet "hebben jullie certificaten", maar deze reeks:

  1. Welke AI-systemen draaiden er op dat moment?
  2. Wie werkte ermee?
  3. Wat is die persoon verteld over wat het systeem wel en niet kan?
  4. Was er een moment waarop een mens keek voordat het naar buiten ging?
  5. Kun je dat laten zien?

Een certificaat beantwoordt hooguit vraag 3, en dan nog in algemene zin. De andere vier komen uit je eigen administratie.

Wat je in plaats daarvan vastlegt

Vier documenten. Ze kosten samen minder dan één certificaattraject voor tien medewerkers.

Deelnemersregistratie. Naam, functie, datum, duur, onderwerp. Per persoon, per sessie. Dit is het document dat vraag 2 en 3 beantwoordt.

Het gedateerde programma en lesmateriaal. Wat is er behandeld en wanneer. Zonder datum kun je over een jaar niet laten zien dat het aansloot op de tools die je toen gebruikte.

Een toetsmoment met uitslag per deelnemer. Sinds de Omnibus hoef je geen niveau te garanderen, dus dit is geen slaag-of-zakmoment. Het is het bewijs dat je hebt gecontroleerd of de boodschap is geland. Precies wat een certificaat óók doet, alleen dan gekoppeld aan jouw eigen systemen.

Een maatregelendocument van twee A4. Wat heb je gedaan, waarom past dat bij jouw risico's, wanneer herzie je het. Dit is het stuk dat losse acties tot beleid maakt en dat vraag 1 en 5 beantwoordt.

Dat pakket is je certificaat. Het staat alleen op jouw briefpapier in plaats van dat van een opleider, en het dekt de twee elementen die een extern certificaat niet kan dekken.

Lees ook: AI-geletterdheidstraining: wat erin hoort en wat je moet vastleggen

Wanneer een certificaat wél nuttig is

Ik wil dit niet in de grond boren, want er zijn drie situaties waarin het verstandig is.

Bij aanbestedingen en grote afnemers. Als een opdrachtgever in zijn uitvraag om aantoonbare AI-kennis vraagt, is een certificaat een makkelijk antwoord. Formeel gezien zegt jouw eigen dossier meer, maar een inkoopafdeling die een vinkje moet zetten is sneller geholpen met een certificaat.

Voor individuele professionals. Als jij persoonlijk je positie op de arbeidsmarkt wilt versterken, is een certificaat een signaal richting werkgevers. Dat is een andere vraag dan of je bedrijf aan artikel 4 voldoet.

Als de inhoud goed is. Sommige programma's zijn gewoon degelijk. Koop het dan om wat je leert, niet om het papiertje, en vul de twee ontbrekende elementen zelf aan met een eigen sessie over je eigen systemen.

Wat ik zou vermijden: een aanbieder die suggereert dat zijn certificaat "AI Act-compliant" of "EU-erkend" is. Dat is het niet, en de rest van de belofte is dan ook onbetrouwbaar.

De rekensom

Vijfentwintig mensen los inschrijven bij een open AI-compliance-opleiding kost al snel €250 per persoon: €6.250. Dat levert vijfentwintig private certificaten op, geen registratie op naam van je bedrijf, en geen koppeling naar jouw eigen AI-systemen.

Een sessie voor je eigen mensen inclusief het volledige registratiepakket kost bij mij €2.950 voor de eerste groep, €1.250 voor elke extra groep op dezelfde dag, en €750 voor een herhaling binnen twaalf maanden.

Het prijsverschil is niet het punt. Het punt is wat je overhoudt. In het eerste geval vijfentwintig pdf's. In het tweede geval een dossier dat de vijf vragen hierboven beantwoordt.

Veelgestelde vragen

Wat je nu doet

Als je een certificaattraject overweegt, stel de aanbieder één vraag: hoe dekt uw programma het risico van onze specifieke AI-systemen af?

Komt daar geen concreet antwoord op, dan koop je algemene kennis. Dat mag, als je weet dat je daarnaast nog je eigen dossier moet bouwen.

Weet je niet welke AI er in je bedrijf draait, dan is dat het eerste probleem en niet de training. Een AI Act-nulmeting brengt het in kaart: elk systeem, de rolbepaling, de risicoclassificatie en de stand op AI-geletterdheid. Twee weken, €1.500.

Plan een kennismakingsgesprek als je wilt weten wat in jouw situatie het snelste werkt.

Vincent van Deth

AI Strategy & Architecture

Vincent van Deth bouwt productiesystemen met AI voor het MKB. Hij is de maker van VNX, een multi-agent LLM orchestrator, en helpt teams betrouwbare AI-automatisering te shippen — zonder bullshit.

Reacties

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Reacties worden beoordeeld voor plaatsing.

Reacties laden...